CellCept (mycofenolaat mofetil) wordt in de dermatologie soms gebruikt als onderdeel van
immunosuppressieve behandeling. Meestal in combinatie met prednison, waarbij
uiteindelijk met een lagere hoeveelheid prednison kan worden uitgekomen. De
combinatie prednison + CellCept heeft een gunstiger werking/bijwerkingen
profiel dan de combinatie prednison + azathioprine. Daarnaast verdragen sommige
patiënten geen azathioprine.
Recente studies geven aan dat CellCept ook als
monotherapie kan worden ingezet bij therapie-resistent atopisch eczeem. Dit
zijn de patiënten met ernstig atopisch eczeem die ook niet (meer) goed
reageren op ciclosporine, of waarbij ciclosporine bijwerkingen geeft. In
deze patiënten categorie zijn ook ervaringen opgedaan met
methotrexaat en Imuran als monotherapie. CellCept heeft op dit moment de
voorkeur.
Probleem bij het voorschrijven van CellCept was
aanvankelijk dat sommige
zorgverzekeraars het weigerden te vergoeden, omdat het
een niet geregistreerde indicatie betreft (off-label gebruik). In 2007 is daar verandering in
gekomen door het verschijnen van een rapport van de Commissie Farmaceutische
Hulp van het college van zorgverzekeraars (CVZ). Hierin wordt geconcludeerd
dat het voorschrijven van CellCept bij ernstig en therapie resistent
atopisch eczeem rationele farmacotherapie is. Als gevolg daarvan zijn de
zorgverzekeraars verplicht het te vergoeden. Inmiddels wordt Cellcept ook
bij vele andere inflammatoire dermatosen off-label voorgeschreven, als
adjuvante therapie naast prednison, of als monotherapie en is de vergoeding
ervan geen issue meer.
Referenties
| 1. |
Prussick L, Plotnikova N, Gottlieb A.
Mycophenolate Mofetil in Severe Atopic Dermatitis: A Review. J Drugs
Dermatol 2016;1:15(6):715-718. |
| 2. |
Notaro ER, Sidbury R. Systemic Agents for
Severe Atopic Dermatitis in Children. Paediatr Drugs
2015;17(6):449-457. |
| 3. |
Garritsen FM, Roekevisch E, van der Schaft J,
Deinum J, Spuls PI, de Bruin-Weller MS. Ten years experience with
oral immunosuppressive treatment in adult patients with atopic
dermatitis in two academic centres. J Eur Acad Dermatol Venereol
2015;29(10):1905-1912. |
| 4. |
Rapport van
de Commissie Farmaceutische Hulp dd 27 november 2006. |
Author(s):dr. Jan R. Mekkes. Dermatologist, Amsterdam UMC.